Namibië

Na een busreis van 21 uur, crosten wij vrijdag Namibië binnen. Hier hebben we één nachtje doorgebracht in de hoofdstad Windhoek, waar verder niet heel veel te beleven viel. En dus stapte we de volgende middag in een busje, voor een prachtige reis door de bergen naar de Namibische kust. Nu zijn we in het mooie stadje Swakopmund, tussen de woestijn, palmbomen en de Atlantische oceaan. Het was wel even zoeken, maar uiteindelijk vonden we ’s avonds laat nog een perfect klein bungalowtje, voor een goede zendelingen prijs, 100 meter van het strand J

En zo’n 800 meter van de township, die ze helaas ook hier weer hebben: Mondesa. Hier zijn we zondagochtend naar de kerk geweest: een echt African church en aangezien de dienst in een tent werd gehouden en midden in de zon stond, was de temperatuur ook lekker Afrikaans: zweten dus!

Omdat het hier normaal vet koud is, er dagelijks zandstormen uit de woestijn zijn (die ik van hier kan zien liggen) mogen we niet klagen en hadden we gisteren en vandaag twee prachtige dagen. Gister lekker onze eerste uurtjes op het strand, waar we de strijd aan gingen tegen het water met het bouwen van onze bunker. We waren een hele toeristische attractie, met mensen die ons stenen toe worpen en Japanners die om de 10 minuten even kwamen kijken of we nog niet weggespoeld waren. Na 3 uur hard werken moesten onze NL Delta werken er toch aan geloven. Zelfs nadat we onze fundamenten met rotsen hadden verstevigd. Denk dat je maar op Één Rots kunt bouwen 😉

Vandaag was eigenlijk het plan om door te reizen, maar het was moeilijk om aan vervoer te komen. Dus vertrekken we morgenvroeg (dinsdag) naar onze volgende bestemming: Sossusvlei. Een prachtig gebied, weer ten zuiden van Swakopmund. De afstanden hier zijn anders dan in ons Nederland, dus dat wordt waarschijnlijk wel weer een dagje in de auto. (Groningen – Amersfoort is er niets bij J)

De andere kant

Gister aan een kop koffie te drinken (eindelijk échte koffie!) en we slaan allebei een krant open. Om de beurt lezen we aan elkaar shock-verhalen voor, die hier zo te lezen dagelijkse kost zijn. Ja, natuurlijk hebben we ook hier de straatkinderen alweer ontmoet, die ene man met krukken die onze opa had kunnen zijn en op straat leeft en hebben we de mensen in de sloppenwijk gezien.. Maar de verhalen van de krant geven ons nog weer een beeld achter de deuren van de sloppen. Rape & Baby dumping. Dit schijnen hier twee grote problemen te zijn. Het verhaal van de zoveelste baby die wordt gevonden in een afvalemmer of in het toilet. De meeste van hen overleven het niet. De tienermoeders, die meisjes die gewoon nog meisjes zijn, maar geen idee meer hebben van eigenwaarde. Het is eerder een uitzondering wanneer ze nog geen misbruik in hun leven hebben gekend. Het gebeurt hier waar wij onze vakantie vieren…

En toch zoveel rijker…

Twee jochies die we gister op straat wakker maken voor een tas met eten. Met enorme dankbaarheid en een onbetaalbare glimlach op hun gezicht nemen ze de tas in ontvangst. Als we bij het weglopen nog eens achterom kijken zien we de grote ogen waarmee ze de inhoud bekijken. Als we nog een laatste keer omkijken, zien we ze weglopen met de tas tussen hun in. Prachtig! Want wat gaan ze doen: Nee, dit eten zij niet met z’n tweetjes op, het kleine beetje dat ze hebben wordt gedeeld. Juist door hen die nou wel eens zo’n tas vol verdiend hebben en kunnen gebruiken. Dat is zo iets moois, zo iets waarvan wij mogen leren. Van het weinige wat ze hebben geven ze weg, en het maakt gelukkig en dankbaar. En wij: van het vele dat wij hebben vinden we het zo moeilijk om iets te delen. Het vele is vaak niet eens genoeg.  Zullen we het ooit begrijpen, hoe dat werkt met armoede? Als wij toch eens zouden geven van ‘onze’ overvloed……